tijd

TIJD

Ik weet wel dat het dood is als ik met mijn vingers
leven betast en dat er geen verschil is tussen nieuw en oud.
Alleen door die nalatigheid kan ik bestaan,
doordat de korte tijd niet is vergaan
tussen het leven en de dood van wat ik in mijn armen houd.
Niets scheidt mij van het andere einde
achter het eerste, tiende, 't eindeloze einde,
wanneer 't heelal terugvalt in zijn holte
en volte wordt veranderd in een leegte
zo groot dat er geen plaats meer is voor God en tijd
of voor hun onbestaanbaarheid.

Adriaan Morriën (1912-2002)

 

Ik hoorde in een liedje eens de vraag “Weet u ook hoe laat het is” beantwoord worden met “Nee, ik heb de tijd.” Een doordenkertje dat liet zien hoe verschillend het woord tijd kan worden geïnterpreteerd.

Volgens mij bestaat tijd bestaat niet echt. Tijd is relatief, iets dat de mens heeft ingevoerd om de wereld enigszins ordelijk te laten verlopen en daar grip op te krijgen en te houden. Dag en nacht bestaan, seizoenen bestaan, maar tijd zoals wij er mee omgaan met seconden, minuten en uren, nee dus.

Er zijn ontstellend veel woorden te vinden die eindigen op “tijd” dus we zijn er met zijn allen veel mee bezig. 

Toen ik nog deelnam aan het arbeidsproces was ik ook veel met tijd bezig. Ik moest op tijd uit bed en de deur uit, om op tijd op het station te zijn om de trein van “zo en zo laat” te halen. Ik werd om 09.00 uur verwacht op het ochtendoverleg en ook verder op een werkdag had ik diverse afspraken op verschillende (vaste) tijdstippen.

Het was natuurlijk reuze handig, zo niet onontbeerlijk, dat anderen dezelfde tijd hanteerden als ik. Want wat zou er allemaal kunnen misgaan op zo’n dag als iedereen een eigen tijd gebruikte en maar wat aan rommelde. Dag trein, dag bijeenkomst, dag afspraak.

Nu ik met pensioen ben houdt de tijd mij veel minder in haar greep. Het maakt (meestal) niet zo veel uit hoe laat ik opsta, 07.30 uur, 08.00 uur, het is allemaal prima. En echt de tijd gedurende de dag in de gaten houden, hoeft ook niet meer. Behalve dan de keren dat ik een afspraak heb, dan moet ik wel op de tijd letten. Maar die momenten zijn op een hand te tellen.

Klinkt lekker hè, zo helemaal mijn eigen tijd te kunnen indelen. Niets moet, veel kan. Het is ook fijn en ik kan er ook wel van genieten. Maar er zit natuurlijk ook een schaduwkant aan, zoals bij veel dingen. Of om de legendarische uitspraak van Johan Cruijff om te draaien, “Elk voordeel heb zijn nadeel.”

Verplichtingen aan tijd geeft structuur en structuur geeft weer overzicht. En dat is toch belangrijk voor een mens (in ieder geval voor mij) heb ik bemerkt. Zonder structuur krijg ik al snel het gevoel dat alles er niet zo toe doet. Ik kan maar wat aan rotzooien en of ik iets wel of niet doe, of vandaag of over een jaar, het maakt allemaal niet zoveel uit.

Dus ondanks de “tijdvrijheid” die ik mezelf kan toestaan, heb ik toch een aantal vaste tijdstippen in de dag en week ingesteld. Puur voor mezelf. Niemand weet er van, geen mens houdt me er aan, alleen ikzelf.

En omdat ik een “Echte Calvinist” ben, houd ik me natuurlijk ook aan die afspraak.