Ken je dat gevoel?
Je leest een bericht in de krant of ziet een item op televisie en je wordt er direct door geraakt. Het maakt grote indruk op je. Het kan overal over gaan, maar heeft altijd te maken met menselijk- of dierlijk leed. De hele verdere dag speelt het door je kop en ook de volgende dag ben je het nog niet kwijt. Wat je eigenlijk het meest dwars zit is dat je niet weet wat je aan de situatie moet doen om het ten goede te doen keren.

Bij mij komt dat toch geregeld voor. Nieuws over oorlog, honger, uitbuiting, allemaal zaken waar ik na kennisneming over kan blijven nadenken. “Tobben” noemde mijn moeder dat. “Niet zo tobben,” zei ze dan tegen mij, “je wordt er lelijk van en kunt er toch niets aan veranderen.”
Ja, en daar zit hem nu net de kneep. Ik kan er niets aan veranderen.

Zo ook het bericht dat er per jaar in Nederland in 2017 ruim 5 miljoen, om precies te zijn 5.389.606, biggen zijn gestorven tijdens of direct na de geboorte. En de tendens is stijgend. Biggen? zul je zeggen, hoezo biggen?

Nou, in Nederland worden varkens gefokt voor de slacht en daar bestaan speciale kraamstallen voor. In die stallen liggen zeugen, ingeklemd tussen metalen beugels, biggetjes te produceren en te voeden. Hoe meer per worp hoe beter, want er sneuvelt nog wel eens een big. Na zes maanden worden de biggen geslacht voor de consumptie.

Toen ik dit hoorde kon ik echt mijn oren en ogen niet geloven. Hoe kan het zijn dat in een beschaafd land zoveel dierenleven wordt opgeofferd om de consument zo goedkoop mogelijk van dienst te kunnen zijn.

Maar waar ik mij het meest machteloos over voel is dat ik er niets aan kan veranderen. O ja, ik eet om dit soort redenen al mijn halve leven geen vlees en probeer door mijn stemgedrag de politieke besluitvorming over dit soort uitwassen te beïnvloeden, maar dat helpt helaas niets. Helemaal niets. Het gaat gewoon door en het blijft bij een item in de krant of op de tv.

Bron afbeelding: Pinterest