Lofzang

Lofzang op de democratie

De komende drie dagen zijn er in Nederland verkiezingen voor de Tweede Kamer. Gangbaar is dat de verkiezingen op één dag plaatsvinden, maar in verbad met de Covid-19 pandemie is er dit jaar gekozen voor de mogelijkheid om mensen met een kwetsbare gezondheid eerder en gespreid te laten stemmen.

“Tweede Kamer der Staten-Generaal”, zei mijn vader vroeger altijd. Immers hij was een formeel man en zaken van wezenlijk belang dienden met respect te worden uitgesproken.

Mijn vader heeft zijn hele leven op dezelfde partij gestemd, de Anti Revolutionaire Partij, kortweg de ARP, ook wanneer de lijstaanvoerder hem niet beviel. En mijn moeder stemde wat mijn vader stemde, zo ging dat in die tijd. De enige keer dat hij veranderde van politieke keuze was toen op 11 oktober 1980 de ARP opging in het CDA.

Hoewel het politieke landschap in de jaren vijftig nog wonderlijk overzichtelijk was, had ik van politiek niet zoveel kaas gegeten, maar ik ervoer wel het belang er van, zeker in de perioden voor- en direct na de verkiezingen. De radio stond vaker afgestemd op praatprogramma’s in plaats van op de muziek waar mijn moeder zo graag naar luisterde en mee neuriede. Bovendien kwam er voor het raam van de voorkamer een affiche te hangen van de ARP waardoor er plotseling een ander soort licht de kamer inviel, en mijn vader ging naar verkiezingsbijeenkomsten van die partij en bracht de genoemde affiches rond bij partijgenoten.

Op een avond in het jaar 1956 mocht ik met hem mee de verkiezingsaffiches rondbrengen waarop een afbeelding prijkte van Jelle Zijlstra. Fier rechtop liep ik naast mijn vader met onder mijn arm een aantal opgerolde affiches. Ik had het gevoel dat mijn vader wist hoe de wereld verbeterd kon worden en ik mocht hem die avond daarbij helpen. Dat vervulde mij met een gevoel van trots en solidariteit.

Of de ARP nu werkelijk een bijdrage heeft geleverd aan het verbeteren van de wereld durf ik met de kennis van nu in twijfel te trekken, maar het gevoel van toen, die voorjaarsavond in 1956, overvalt me ook weer in deze tijd wanneer ik gebruik mag maken van mijn democratisch recht om de volksvertegenwoordiging te kiezen.

%d bloggers liken dit: